Mijn gevoelens en gedachten zijn mijn grenzen. Ik kan slechts begeren wat ik mis : een mooie vrouw, massa’s geld, een eigen huis, seks… Allemaal dingen die m’n verstand kent en die mijn lichaam mist. Dus moet ik op rooftocht en vergeet ik te leven, te “zijn”, wat ik werkelijk ben. Alles en iedereen zijn mij vijandig zolang ik moet missen wat ik mis. Zo kan ik niet genieten van wat u bent, ik kan slechts begeren wat u hebt en ik mis…
Mijn begeerte beperkt me, en daardoor beperk ik ook u tot een vijandig object. Van zodra ik dit besefte ben ik mensen en omgeving anders gaan bekijken, eerst wat stuntelig natuurlijk, maar daardoor kreeg ik ook een andere kijk op mezelf : ik werd “breder”, rustiger, zelfzeker…




